Fraukje ~ Alleen met mijn dochter naar Thailand
Ik was alleen met mijn dochter op reis naar Thailand. Met z’n tweeën. Dat vond ik best een beetje spannend. Niet omdat Thailand ingewikkeld is, maar omdat je toch alleen doet. Alle beslissingen moet je zelf maken, het tempo, de routes, inschattingen. Je bent toch verantwoordelijk voor het wel en wee van je kind. Toch voelde het heel duidelijk dat dit een goede plek was om samen naartoe te gaan. Ik was al vaker in Thailand geweest. Ik wist hoe relaxed het land is, hoe makkelijk het reizen gaat en hoe vriendelijk de mensen zijn.
De voorbereiding
Ik heb vooraf echt alles uitgepluisd. De leukste plekjes, fijne routes en vooral hotelletjes met een zwembad. Want voor haar is dat het belangrijkste. Als ze kan zwemmen, is het goed. Ik heb geprobeerd het reistempo laag te houden. Al was dat een uitdaging voor mij, want ik ben iemand die graag veel wil zien. Ik had in eerste instantie vier nachten Pai gepland, maar onze lokale agent gaf aan dat dat tegenwoordig echt niet meer nodig is. Pai is niet meer zoals vroeger, de omgeving van Mae Hong Son is authentieker, meer het echte Thailand. Dus besloot ik beide plekken te bezoeken. Zo verdwenen er langzaam wat dagen van dat rustige tempo. Maar tegelijkertijd vond ik het ook fijn om veel te zien. Niet alleen voor ons, maar ook om meer kennis op te doen van de bestemming.
Aankomen in Bangkok
We vlogen met Oman Air naar Bangkok. Dat ging allemaal heel soepel. Gelukkig vind mijn dochter vliegen leuk en spannend. In Bangkok sliepen we in een fijn hotel in de oude stad. Daar was ik blij om, want dat is wat mij betreft een van de meest interessante plekken om te verblijven. Ik wilde in Bangkok niet te veel doen, zodat we op een rustig tempo konden acclimatiseren. Eigenlijk alleen Wat Arun en de Wat Prayoon. Vooral die laatste was een succes, omdat ze daar schildpadden kon voeren.
Wat ze uiteindelijk het allerleukste vond, waren de tuk tuks. Voor een jong kind voelt dat als een attractie. Vrijheid, geluiden, de stad die langs je zoeft.

De bergen in
Na Bangkok vlogen we door en haalden de huurauto op. Vanaf dat moment begon het deel dat ik het meest spannend vond. De weg naar Mae Hong Son slingert eindeloos door de bergen, met haarspeldbocht na haarspeldbocht. Alleen rijden, lange afstanden, een kind naast je. Tegelijk wist ik dat ik op veel uitdagende plekken had gereden in de wereld, dus dat dit ook heus wel zou lukken. En dat klopte. Het rijden was prachtig. Valleien, tempels langs de weg, het landschap rond Doi Inthanon National Park. Adembenemend mooi.
We hadden onze stops vooraf gepland. Dat maakt reizen met een kind zoveel fijner. Aan het einde van de dag kwamen we aan bij een hotel met uitzicht over de bergen. Het regende door een storm die de afgelopen dagen was overgetrokken. Maar mijn dochter had nog nooit gezwommen in de regen, en die vond het fantastisch. Zij blij, ik blij.
de Mae Hong Son loop
De volgende dag reden we verder. Lange stukken, maar goed opgedeeld. We vertrokken vroeg en stopten onderweg. Op een bepaald moment aten we midden tussen de rijstvelden. Geen toerist te bekennen, waanzinnig uitzicht. Overal in Thailand kom je onderweg honden en katten tegen, en voor haar was dat fantastisch.
Mae Hong Son voelde puur. Het deed me denken aan hoe Pai ooit was. Rustig, groen, ongepolijst. We sliepen in een lodge midden in de jungle, met een zwembad. We verkenden het stadje en hielden het tempo laag. Daarna reden we door naar Pai. Onderweg bezochten we grotten waar we met een bamboebootje doorheen gingen. Dat vonden we geweldig, wat een indrukwekkende ervaring.
Pai, toch fijner dan verwacht
Pai is toeristisch, dat klopt. Maar met een kind vond ik het eigenlijk heel prettig. Veel leuke restaurantjes, fijne lunchplekjes en een gezellige avondmarkt. Geen last gehad van feesten. Je pakt de fiets en rijdt het dorp rond. Als je weet wat het is, en geen authenticiteit verwacht, is het gewoon ontspannen.

Koh Phangan, haar droomplek
Na het noorden vlogen we door naar Koh Phangan. Daar keken we enorm naar uit, want we hadden daar meer tijd, en we hadden daar een fijn hotel aan het strand.
Haar droom was simpel: een blauwe zee en een wit strand. Daarvoor waren we hier op de juiste plek. We huurden een scooter om het eiland te verkennen, iets wat ik spannend vond omdat daar officieel een extra verzekering voor nodig is, die ik niet had afgesloten. Dat is een van die dingen waar ze zich op dit soort plekken weinig zorgen over maken. Na lang twijfelen heb ik het toch gedaan, hoofdzakelijk omdat je hier eigenlijk geen andere manier van transport hebt. Ik nam me voor om heel rustig te rijden en met volledige aandacht, en dat maakte het uiteindelijk tot een ontspannen manier van reizen.
Het scooteren zelf werd al snel een ervaring op zich en bleek een van haar hoogtepunten van de hele reis. Ze snorkelde op Koh Phangan voor het eerst en we reden vaak naar het rustigere noorden van het eiland, waar de stranden bijna leeg waren. We speelden veel spelletjes samen en er was zelfs genoeg ruimte voor mij om twee boeken te lezen, wat veel zegt over hoe ontspannen de reis was.
Wat Koh Phangan, en Thailand in het algemeen, voor mij extra prettig maakte, was dat er veel andere Nederlandse gezinnen waren. Als alleen reizende moeder was dat erg prettig. Mijn dochter had op veel plekken snel contact met andere kinderen, terwijl ik af en toe ook even tijd voor mezelf had. Die balans maakte de reis bijzonder waardevol.

Khao Sok, jungle en grenzen
Na Koh Phangan reisden we door naar Khao Sok National Park. Deze plek was me vooraf afgeraden, vooral omdat het er druk en toeristisch zou zijn, maar ik merkte al snel dat kinderen daar heel anders naar kijken. Voor haar was het één groot avontuur. Tuben op de rivier, koken in bamboo bij het vuur, marshmallows maken en eindeloos buiten zijn; ze vond het fantastisch en daar ga je dan als ouder helemaal in mee.
Een van de activiteiten was een jungle night walk. We zagen o.a vogelspinnen, schorpioenen, slangen en apen, en het voelde alsof we midden in een natuurdocumentaire liepen. Mijn dochter riep in het begin dat ze nog nooit zoiets leuks had gedaan, maar halverwege de wandeling sloeg haar humeur 180graden om. Ze was moe, en overprikkeld. De hele weg terug huilde ze, en ook dat hoort er soms ook bij tijdens reizen met kinderen. Juist dat moment maakte voor mij duidelijk hoe belangrijk het is om te blijven afstemmen. Niet alleen op de bestemming, maar vooral op je kind. Avontuur is mooi, maar rust om alle avonturen te verwerken is minstens zo belangrijk.
Wat deze reis me heeft geleerd
Wat deze reis me vooral heeft laten zien, is dat mijn eigen ervaring sterk samenhangt met die van haar. Als zij zich fijn voelt, ontspannen is en plezier heeft, dan ervaar ik de reis automatisch ook als rijk en waardevol. Het rustige tempo bleek daarbij essentieel, net als het loslaten van het idee dat alles ‘moet’.
Reizen door de ogen van je kind verandert je perspectief. Je kijkt anders, je vertraagt vanzelf en je ziet hoe snel ze groeien in vertrouwen en zelfstandigheid. Thailand bleek daarin een ideale bestemming. Het is vriendelijk, betaalbaar, overzichtelijk en enorm veelzijdig. Je combineert stranden, jungle, bergen en cultuur in één reis, zonder dat het ingewikkeld wordt.
Het is een hele fijne eerste verre bestemming met kinderen, maar ook een heerlijke bestemming als je gezin al veel van de wereld heeft gezien.
En misschien wel het belangrijkste inzicht: vaak zit het mooiste precies daar waar het spannend voelt. Op het moment dat je merkt dat je het gewoon kunt, dat je durft te vertrouwen op jezelf en op het proces. Dat gevoel neem je mee naar huis. En zij ook.
Deze reis staat in grote lijnen ook op onze website als een van onze familiereizen naar Thailand!














